Zoeken

Rome



Rome maandag 24 september 2018

Er is vanuit onverwachte hoek druk uitgeoefend om de stukjes te schrijven en te plaatsen. Niet alleen omdat de ouders dan een beeld hebben over het wel en wee, maar ook omdat de moeder van Anniek (Heerink) zich afvroeg waar die stukjes over Rome toch bleven. Ze had dit nl al meerdere keren gecontroleerd op de website… Dus vanwege de oekaze uit het oosten van het land; hier komt ie over dag 1.

’s Morgens om 05.00 uur op Schiphol is voor veel leerlingen toch nog wel een ongewoon tijdstip. Het lijkt te worden beleefd als een soort onvermijdelijk verschijnsel wat je noodgedwongen moet ondergaan. Slaperig, de haren nog wat in de war en ‘stillerig’ druppelde de een na de ander met een kek koffertje vertrekhal 1 binnen. Meegekomen ouders deden opvallend opgewekt, maar zodra wij afmarcheerden konden zij gewoon weer laten zien dat zij eigenlijk gewoon ook nog naar hun bed terug verlangden . Was dit een voorafschaduwing voor de Romereis-ochtenden, of was dit de uitzondering lazen wij in de grote verschrikte ogen van de leerlingen in de rij voor de koffercontrole. Iedereen werd gerustgesteld, het was de uitzondering. Hiermee was de reis al uitstekend gestart las ik op de gezichten.

De bus bracht ons naar hotel Felice, waar tot ieders verbazing meerdere kamers toilet en een badkamer bleken te hebben. Niet alle kamers, wat weer tot andere verbazing leidde. Toch was er een element waar iedereen, de docenten incluis, van opkeken. Op alle kamers stond op zijn minst een tweepersoonsbed. Wie gaat met wie, dat was de vraag die er toe deed. Wat de docenten betreft, die deden of het allemaal heel normaal was. Tirza en Anniek pasten zich onmiddellijk aan de situatie aan. Maar nu eerst maar eens kijken hoe het op de herenkamer zou aflopen. Edwin had namelijk min of meer geruisloos het eenpersoonsbed in bezit genomen. Hoe zouden Rik en Johan aan elkaars harige poten kunnen wennen zo midden in de nacht…

Na St Maria Maggiore bezochten we de villa Borghese. De kunstwerken van Bernini maakten grote indruk. Natuurlijk vergaapten de jongens zich in de afdruk van de hand van Pluto in het bovenbeen van Proserpina (1521), vooral omdat zij zagen dat het vlees leek, maar marmer was. Ik zag enkele meiden van de groep zoeken naar ‘putjes’ in haar been. Zo perfect kon toch gewoon niet. Blijkbaar blijft er toch enige concurrentie, ook al was zij van heel erg harde steensoort…

De extase van Theresia bleek een nieuw hoogtepunt voor veel leerlingen, zeker niet in het minst omdat dit het laatste kunstwerk was van de dag. Eten dat was het devies, daarna de kamers in, douchen en slapen. Eigenlijk was het te veel om te doen op de eerste dag. Het leek wel of we al dagen weg waren. Iets na twaalf uur gingen de lampjes letterlijk en figuurlijk uit.



Rome, dinsdag 25 september

Het moest eigenlijk de dag van Piazza Navone, de Chigi kapel en de Trevi fontein worden, maar het werd uiteindelijk de dag van ‘de wandeling’.

De dag begon met een aardige wandeling door de stad naar San Pietro in Vincoli. Voordat we de ‘schatten’ van Vincoli zouden gaan toevoegen aan een nog groter beschavingsniveau van 49 leerlingen, werd er op het pleintje voor de kerk stevig onderhandeld over aan te schaffen truien. Met name het groepje van Rik Marinus aasde op zo’n trui. Hoe zij het voor elkaar hebben gekregen weet niemand, maar op een gegeven moment stond hij te onderhandelen voor Ronja, Esmee, Dana, Sanne, Lois en Bente om voor een alleszins redelijk bedrag zo’n trui aan te schaffen. De kleuren rood en groen werden even later trots getoond. Eerlijk is eerlijk, de dames zagen er stuk voor stuk geweldig uit.

Beschaving opslurpen binnenin de kerk werd toch hierna een stuk gemakkelijker. Mozes van Michelangelo werd uitgebreid bestudeerd en bewonderd. Die hoorntjes bleven nog wel een probleem, hoewel de leerlingen begrip op konden brengen voor vertaalfouten uit het verleden. Iedereen liet wel eens een steekje vallen was de communis opinio.

De trevi fontein is de fontein waar het water centraal staat. En als je naar Rome gaat moet je toch naar deze fontein vindt iedereen. Een van de toeristische trekpleisters voor de ‘hoy polloi’, dus ook voor onze leerlingen. Neptunus, de god van de zee, heerst normaliter over deze fontein alsof er sinds de Griekse tijd nog helemaal niets is veranderd. Toch had iedereen het idee dat Neptunus vandaag een soort zurige blik had. Eenmaal dichterbij gekomen kregen wij begrip voor zijn chagrijn. De fontein bleek namelijk te worden schoongemaakt en leeg. En wat is uiteindelijk een fontein die over water gaat zonder water…? Het bleek dat niet alleen deze fontein was ‘drooggelegd’, het was als een epidemie over de hele stad verspreid. Waar we ook kwamen, we troffen schoonmaakploegen en drooggelegde fonteinen.

Via de Spaanse trappen bezochten we Popolo. Daar kregen velen weer een puzzelstukje van de film het Bernini mysterie. De Chigi kapel werd uitgebreid bestudeerd en met name de put waar de kardinaal in zat in deze film. Iedereen herkende al wel het familiewapen van de Chigi van de zes bergen met een ster er boven. Langzamerhand kreeg de een na de ander meer en meer grip op deze fantastische stad. Hierna leefde Johan van der Laan zich uit bij de uitleg van de Caravaggio ‘s. Vanaf dit moment waren de leerlingen geïnfecteerd met het ‘Caravaggio-virus’ voor de rest van hun leven…

En toen kwam de wandeling. Wat kan je dan nog veel zien op zo’n tocht en wat kan je dan veel lopen, was de mening van meer dan een klein aantal leerlingen. De vluchtweg van de paus naar de Engelenburcht, de Engelenburcht zelf en een hoofd waar je je hand in moest steken en het nog maar de vraag was of alle vingers ook terugkwam, werden als hoogtepunten gezien. Maar dan was je nog maar op een derde van de wandeling…. De voeten werden gevoelig, de zon scheen onbarmhartig en het uithoudingsvermogen werd getest. De wandeling kreeg daarmee ook een ander karakter. Enkelen vermoeden dat de commando’s in hun opleiding niet zo’n zware test kregen, anderen sloegen zich er manmoedig doorheen. Eenmaal op de Campo de Fiori aangekomen werd iedereen gecomplimenteerd voor deze prestatie van formaat. Terug met de metro werd geen optie , maar meer een soort van noodzaak na deze dag waarin veel vrouwen een echte kerel waren geworden (en enkele jongens wollige poesjes).

De batterijen waren leeg, de hoofden niet. Een verkwikkende slaap was geen overbodige luxe



Rome, woensdag 26 september

Gisteravond speelden zich merkwaardige incidenten af op de gang in hotel Felice. Je zou het kunnen duiden als een soort van sociologisch verschijnsel, wij werden met de keiharde realiteit geconfronteerd. Wij kwamen de trap op en zagen voor meerdere kamers jongens staan. Eerst dachten wij nog dat zij als echte heren galant ruimte maakten voor opgebloeide liefdes, maar de werkelijkheid bleek veel gecompliceerder te liggen. Bij navraag bleken de heren alleen maar ‘buiten’ te staan, omdat een van de kamergenoten een onderbroek moest wisselen. Bij een boodschap als deze gaat de fantasie geheel met je op de loop. Je vraagt je bijvoorbeeld af wat er zo bijzonder aan die onderbroek moet zijn dat deze niet gezien mag worden. Is er misschien een ongelukje gebeurd vanwege de (in)spanning van de reis? Of is het zo dat het uittrekken van de onderbroek tot te grote hilariteit leidt. Ah ja er staat al een twee-persoonsbed in de kamer en jongens onder elkaar is sowieso altijd lachen, ook zonder drank…

Na deze ‘mentale exercitie’ van gisteravond waren we gewapend op weg naar het hoofdkantoor van de katholieke kerk; het Vaticaan. In het museum vielen velen van de ene verbazing in de andere. Jurrien stelde de ene vraag na de andere en had aan het einde van de tocht eigenlijk al verdiend om tot prof in de kunstgeschiedenis te worden benoemd. Helaas liet de setting dit niet toe. En zo waren er meer! Wat het Vaticaansmuseum niet los kan maken. In de Sixtijnse kapel ging het bijna toch nog mis. Een enkeling fotografeerde het plafond (van Michelangelo) met zijn telefoon, waarop de bewaking verbaal hardhandig ingreep. Wij ontheiligden de plek, ook al omdat er dingen werden uitgelegd. En uitleggen dat mag natuurlijk niet. SILENTIO!!!, dat dient er te zijn in deze kapel. En die rust houd je dat door ‘overtreders’ van die stilteregel met veel decibellen te verwijderen. Voor ons maakte dat niet erg veel uit, want wij wilden zelf al verder gaan omdat alle toelichting al was gegeven. Waren we de ordedienst van de katholieke kerk toch te slim af geweest. En dan kan je wat.

De St. Pieter bleek een en al indrukwekkendheid. Je moest er wel een uurtje voor in de rij, maar een lekker zonnetje maakte dat eigenlijk alleen maar aangenamer. Twee meiden van onze groep voerden een act op om het internationale publiek in de rij te ver maken. Gebiologeerd keken zij toe, waarop Rik Marinus letterlijk met de pet rondging. Of hij ook wat opgehaald heeft weet niemand, want als een goede ‘financieel directeur’ (van de Rome-reis) zei hij na afloop dat het met de financiën wel goed zat, maar er verder geen mededelingen over deed. Wat achteraf opviel was dat vanaf dat moment merkwaardige plekken op zijn pet te zien waren. Maar ook daar deed hij geen mededelingen over. Omdat wij toch op weg waren naar een heilige plek, maakte het ons verder niet uit. Wij gingen er vanuit dat God onze ‘goede werken’ had gezien. Misschien zou Rik toch nog in de hemel komen. De heren Kok en Van der Laan, met een gedegen katholieke jeugd, zouden voor hem wel een goed woordje doen. Zo nodig wachten ze hem op bij de ‘poort’ om Petrus wat toe te stoppen. Zo’n reis schept toch een band.

’s Avonds aten we in de krochten van restaurant Carlo Menta een uitstekende maaltijd; een heus viergangenmenu. De prijs was echter dusdanig dat we er na een uur eigenlijk werden uitgebonjourd, omdat er al weer een volgende groep buiten stond te trappelen. We zagen nog net kans Sera uit volle borst toe te zingen, omdat zij morgen jarig was. Ja, je kan er niet vroeg genoeg bij zijn om iets te vieren… Onderwijl was onze ‘financieel directeur’ er als de kippen bij om een korting te bedingen vanwege dit snelle afscheid,

In het hotel werd de verjaardag van Sera na twaalf uur nog eens dunnetjes over gedaan met ballonnen, al met al werd het een ‘onvergetelijke gebeurtenis’. De vraag is wel voor wie.

En daarna begonnen Aniek en Thirza met een ‘razzia’ op de kamers. Zij hebben niet verder willen vertellen wat zij daar allemaal aan chaos aantroffen, maar daarna was het geluidsniveau op alle kamers gedaald naar nul (of minder dan nul…). Daarna werden alleen nog lachsalvo’s uit de kamer van Edwin, Johan en Rik waargenomen, waarna iedereen met een glimlach op de lippen in slaap viel.



Pompeiji, donderdag 27 september

Vandaag gaan we naar Pompeji. Half uur eerder op, maar geen enkel probleem. Als een echt legioen trad iedereen stipt om 07.45 uur aan, om de bus voor acht uur te halen. Kortom; een gesmeerde machine.

De drie uur in de bus vlogen om en we kwamen ruim voor 11.00 uur aan in dit oude Romeinse stadje. Er waren er meer op het idee gekomen om precies deze donderdag naar Pompeji te gaan. De parkeerplaats voor bussen was overvol. Het legioen scheepte zich uit en vertrok in marstempo naar de ingang. Rik Marinus regelde als een echte legioenscommandant vliegensvlug de tickets.

Her en der werden er in de groepen presentaties gedaan. Chemene presenteerde alles over het stadje wat voor ons lag. Van de klap van de uitbarsting tot de verschrikkingen die de bevolking moest ondergaan. Stan lichtte in zijn groep een tipje van de sluier op. Zijn interesse stak het vuur aan bij de anderen. Maar dat vuurtje moeten we wel als bescheiden af doen in vergelijking met 79 voor Christus. Wellicht komt de interesse nog en dan met een klap die wel vergelijkbaar is… Alexander en Max bezochten De Villa der mysterie om de geweldige fresco’s daar ‘te doen’. Druk in gesprek en begeesterd door deze schilderingen sloten ze weer bij de groep aan. Een band voor het leven was gesmeed, daar kwam niemand meer tussen. Waar Pompeji al niet voor kan zorgen.

De tocht naar de Vesuvius dwars door de krater van de vulkaan was al van een grote schoonheid. Aan de andere kant echter ook beangstigend dat daar al dat puin en die lava uitgespoten was waaronder de verschillende stadjes waren bedolven. Halverwege stapten we uit om de rest naar boven te lopen. Er stond een stevig windje, wat in kracht toenam naarmate je hoger kwam. Eenmaal boven aan gekomen hield Michel zich bijvoorbeeld goed vast aan de rest van zijn groep om zich staande te houden. Dat hielp. Met de hand voor de ogen om niet overal gezandstraald te worden, kwamen ze een voor een na verloop van tijd terug van een helse tocht. Het uitzicht op Napels was adembenemend, maar je moest er wel wat voor over hebben omdat dan ook daadwerkelijk te zien.

Voldaan van deze nieuwe indrukken werd er gezellig met elkaar gesproken, er werd wat muziek gedraaid en er werd meegezongen met kedeng, kedeng. Al met al was het een gezellige boel. Thijs, Mats en al hun ‘matties’ zongen uit volle borst mee en bleken gangmakers in de bus. Dana sloot zich bij de zangers aan bij het nummer ‘leef’, maar dan ook met volle overgave. Hierna zette de hele bus ‘het regent zonnestralen’ in. Wat mij betreft mag zo’n busreis wel 24 uur duren. Super!